mokken als politieke magneet

Het is een mooie lentedag, en het is nog eens woensdag ook. Dat betekent dat Jantje de hele middag kan voetballen en spelen. Hij is zijn nopjes en gaat goedgeluimd naar de klas wanneer de bel ringt. Wanneer hij de klas binnenstapt, zit er een jongen op zijn plaats. Jantje is perplex. Hij staart de jongen aan en blijft stokstijf staan. Na een tijdje kijkt hij de juffrouw aan en net als hij zijn mond wil opendoen om iets te zeggen, spreekt de juffrouw de klas toe. “Kinderen, vandaag is er een nieuwe leerling in de klas. Tarek komt uit Syrië en kan nog geen Nederlands …”. Jantje hoort de juffrouw niet meer. Het interesseert hem niet of die jongen Tarek, Toerek of Trekhaak heet, hij zit op ZIJN plaats. “Jantje? Jantje? Jaaaantje!”. Ooh, de juffrouw is tegen hem bezig. “Ga jij maar naast Tarek zitten, op de plaats van Sofie. Sofie, jij mag op de achterste bank die nog vrij was. Jantje, ik zou willen dat jij Tarek een beetje extra helpt.” Jantje gaat zitten, kruist zijn armen over elkaar, kijkt strak naar zijn schoolbank en probeert zo hard als hij kan de juffrouw te negeren. Hij is aan het mokken. Als volwassenen weten we teleurstelling te herkennen wanneer ze zich aandient, en begrijpen we dat het slijt zodra we verandering aanvaarden, al dan niet in dankbaarheid. Kinderen kunnen die teleurstelling soms erg lang volhouden. “Zij zijn groot en ik is klein en da’s niet eerlijk, o nee”, het welbekende Calimero complex (1). Maar ook volwassenen blijken niet immuun voor dit complex. Het kenmerkt zich vaak in uitingen over “Het systeem! De regering! De maatschappij! Zij!”. En recent (2) is er aan die lijst ook “De vluchtelingen!” toegevoegd. Er is veel ongelijkheid in onze wereld en er zijn daarenboven vandaag een paar plaatsen waar je écht niet wil zijn. Erg begrijpelijk dus dat er vluchtelingen zijn. Hoe we daar mee omgaan, als mens en maatschappij, is een uitdaging. Onze middelen zijn niet onbeperkt, dus we kunnen niet iedereen helpen. Onze tolerantie naar anders zijn kan ook niet onbeperkt zijn, als we onszelf niet willen verliezen. Wat staat er echter te gebeuren met onze waarden als onze ongenode gasten, de vluchtelingen, die niet delen of respecteren? Recent werd mij in dat verband verwezen naar Bart de Wever als voorvechter van onze Verlichtingswaarden. Bart, de man die zonder vrees voor beschuldigingen van politieke incorrectheid de aankomende politicologen ook hierover had toegesproken op de Universiteit van Gent (3). Bart werd geprezen voor die moed. Zoiets botst fundamenteel met het beeld dat ik heb van die man, waarbij ik spontaan eerder denk aan de clip “Zet die ploat af, idioot!” met hem in de hoofdrol (4). Ik heb dan toch maar eens gekeken naar die toespraak. Eerst naar een paar fragmenten, en twee besprekingen (5) ervan. Maar sommige dingen leken toch wel hout te snijden en ik zag mezelf dus verplicht om de héle toespraak van iets meer dan één uur actief te beluisteren door die te annoteren. En hij zegt inderdaad een aantal zinnige dingen, voor zover ik dat kan nagaan of begrijpen als politieke en sociologische leek. Vooral als het gaat over de beperkingen die wij hebben als gemeenschap om hulp te bieden (Bart heeft het over absorptievermogen) en als het gaat over de nood aan omzichtigheid met tolerantie, als die onze waarden dreigt teniet te doen. Maar tijdens het uitdelen van die nuances worden regelmatig ook zijnoten gezet die véél minder genuanceerd zijn, maar eerder stigmatiserend (goed geïnformeerde economische vluchtelingen, met iPhones zowaar) of veroordelend (vooral Guy Verhofstad, het falend Europees beleid en ‘Mutti Merkel’ worden geviseerd). Het is vooral de conclusie van zijn betoog dat helder en genuanceerd is, de opbouw daarnaar toe is toch wel wankel. Zo worden er vier stellingen beloofd, maar er zijn er eigenlijk vijf. Eén van die stellingen gaat als volgt: “er zijn een aantal feiten die op elkaar inwerken en die dit fenomeen enorm versterken”. Dat is niet echt een concrete stelling (6). In één van de eerste zijnoten van zo een stelling merkt Bart op dat de rijkere Moslim landen geen opvang voorzien voor vluchtelingen. Daarna geeft hij toch toe dat er barakken kampen in Qatar zijn gefinancierd door Saoedi-Arabië. Wacht, er was toch géén opvang? Om zijn eigen inconsistentie te maskeren besluit hij dan maar dat die kampen er eigenlijk alleen maar zijn om de mensen vooral daar op één plaast te houden. Pffff… Bart meld ons ook dat als gevolg van de vluchelingen stromen “Er […] een gevoel [is] van onbehagen, van existentiële angst”. Maar als historicus moet hij toch weten dat 100 jaar geleden Freud onbehagen zag als gevolg van cultuur (7) en dat zelfs 2000 jaar geleden Seneca al zei “De fortuin bespaart menigeen de straf, doch niemand de angst” (8). Bart uit te veel losse beschuldigingen en halve waarheden. De man is ontevreden en denkt de oorzaak daarvan buiten hem te hebben gevonden zonder die te kunnen oplossen. Zijn hele uitstraling is dan ook die van het mokken: passief agressief gedrag (9). En dat is nu nét de reden waarom ik nooit naar hem luister, en misschien ook waarom hij toch zoveel gehoor krijgt.

 


(1) https://nl.wikipedia.org/wiki/Calimerocomplex
(2) Ik vergeet even het discours van het Vlaams Blok, zo recent is dit dus eigenlijk niet.
(3) https://www.youtube.com/watch?v=Kx6LHOtSdJA
(4) https://www.youtube.com/watch?v=fup366-MAJ4
(5) http://deredactie.be/cm/vrtnieuws/regio/oostvlaanderen/1.2448439 en http://www.knack.be/nieuws/belgie/vraag-is-het-verstandig-hoe-bart-de-wever-het-spel-speelt-antwoord-hij-komt-er-alleszins-mee-weg/article-opinion-607179.html
(6) Een stelling is ‘een bewering die men als waarheid aangenomen wil zien worden’.
(7) Zie bijvoorbeeld de bespreking op http://valenkamp.com/PDFs/onbehagen-in-de-cultuur.pdf
(8) Zie bijvoorbeeld een stuk dat ook existentiële angst bespreekt http://www.spreekuurthuis.nl/themas/depressie_en_somberheid/informatie/angst_en_psychose
(9) http://hooggevoeligisnietraar.blogspot.be/2012/09/hooggevoeligheid-en-passieve-agressie.html

bron foto: canvas

Geef een reactie