de laatste druppel

Bob was geen grote prater, dat was hij nooit geweest. Vaak verveelde hij zich in gezelschap. Tijdens gesprekken die bleven steken in vanzelfsprekendheden. Tijdens de verplichte stappen in het bijna mechanische uitwisselingsproces van beleefdheden. Tijdens stompzinnige woordenbrijen die vooral een uiting van frustratie waren alhoewel men zich zogezegd beroepte op de wetten van de logica of rechtvaardigheid.

En toch was hij graag in gezelschap. Uiteindelijk droeg hij iedereen  een warm hart toe. Er was namelijk iets fundamenteel waar hij in geloofde en dat hij fysiek voelde. Hij had het al een paar keer proberen onder woorden te brengen in gesprekken met vrienden, maar het kwam er altijd erg klef uit, en de mensen keken hem steevast raar aan. Hoofd schuin, mond lichtjes open, één wenkbrauw omhoog: ‘Meen je dat?’.

Sommige dingen kan je niet onder woorden brengen. Maar hij kon het wel zien. Hij zag een bergmeer, half verborgen door wolken en zacht-ritmisch beroerd door regendruppels. Op het oppervlak was er een complexe dans van zich uitdijende cirkels die uiteindelijk vervloeiden in andere nieuwere cirkels.

In Bob’s visie was zo één druppeltje regen als één mens. De druppel wist niet waar hij vandaan kwam. Uit een wolk? Uit opgestegen damp van de zee? Uit een water recyclage centrale? Uit een urinerende koe? De druppel was tegelijkertijd ook niet echt een druppel meer maar een golvende beweging op een meer, en zijn eigen golf werd sterk bepaald door de omringende golven. Hoeveel van de druppel werd dan door hem zelf bepaald en hoeveel door de omgeving?

En als je nu zo een serie neervallende druppels zou kunnen bevriezen, uit de lucht plukken, doormidden snijden en onder een microscoop leggen, dan zou je onderling toch een paar verschillen kunnen zien, zo stelde Bob zich het voor. Alle druppels hadden binnenin dezelfde kern van zuiver water. Maar rond die kern was er dan een kring van vervuild water. Overtollig afzetsel dat werd meegesleurd. En bij sommige druppels was die vervuiling groter dan bij anderen.

Het was die overtollige bagage die we allemaal verzamelen doorheen onze levenswandel die ons in de weg komt te staan in gezelschap, alhoewel dat we daar onder eigenlijk allemaal gelijk zijn. Zo zag Bob het toch.

‘Ook een druppeltje bij de koffie, Bob?’. Hij schrok op uit zijn gepeins en glimlachte warm van ja.


Bron foto: http://www.tnplus.fr/wp-content/uploads/2014/04/rain-on-lake-14-1200×600.jpg

 

 

Geef een reactie