de pantoffelheld en de kakkerlak

Onlangs kwam ik aan de babbel met ‘iemand’ over ‘iemand anders’ waar we allebei al mee hadden samengewerkt. Het was al snel duidelijk dat we alle twee dezelfde waardering over deze persoon deelden, een soort van nauwelijks ingetoomde walging en onderdrukte woede, en in dat spectrum van het voelen erg verwant met mijn appreciatie voor, zeg maar, de strontvlieg. Een strontvlieg voedt zich met faeces, waarvan het equivalent op de werkvloer ‘bullshit’ is. Mijn kennis verbeterde me echter: ‘Neen geen strontvlieg, een kakkerlak, die krijg je niet kapot, een strontvlieg daarentegen haalt het einde van de dag niet’. Technisch is dat misschien eerder de ééndagsvlieg, maar hé we zijn beiden geen bioloog, en de associatie met kakkerlak is inderdaad véél scherper en heeft bovendien nog steeds de etymologische sterke band met bullshit.

Ik heb persoonlijk wel wat ervaring met kakkerlakken. Ik heb namelijk een jaartje in Congo geleefd (toen was dat nog Zaïre), samen met mijn ouders en verder ook samen met heel wat kakkerlakken. Ik mag me op de schouder kloppen omdat ik eigenhandig hele families kakkerlakken versneld op weg heb geholpen naar de kakkerlakken hemel, gesteld dat die beesten zo een hemel hebben natuurlijk, ik beschouw mezelf niet aansprakelijk voor hun levensbeschouwing. Eigenlijk kan het me niet schelen, ze moeten gewoon niet zijn waar ik ben. In mijn éénmans strijd tegen de kakkerlak soort, heb ik vooral vier hulpmiddelen gehanteerd: de schreeuw, de spuitbus, de pantoffel en het toilet.

Als beginnend kakkerlak verdelger gebruikte ik in het begin vaak de schreeuw, maar dat was eerder een spontane opwelling dan wel een middel om de kakkerlak te verdrijven, ik heb ze er nooit op zien reageren. Eenmaal de eerste schrik overwonnen, haalde ik de spuitbus boven, met die typische chemische geur, en spoot het beest een volle minuut nat. Zijn bewegingen werden dan snel trager, vaak lag het uiteindelijk op de rug, met de pootjes in de lucht in een laatste walgelijke stuiptrekking. En dan niets meer. Oef. Dan kon ik op mijn gemak gaan douchen of naar toilet, want het was altijd in die ruimtes, liefst ’s ochtends als ik pas wakker was, dat mijn pad kruiste met dat van hun.

gifDe verdelger spuitbus liet er geen twijfel over bestaan, een zwart kruis op rode achter grond: dit was gif. Maar als je dan terug kwam uit de douche was dat beest gewoon weer vertrokken! Vandaar hulpmiddel drie: de pantoffel en plets! Rode en witte smurrie over de vloertegels. ‘Sta nu maar eens op!’. Het ergste wat ik heb meegemaakt is dat één van die beesten inderdaad ineens vleugels ontplooide en warempel begon te vliegen, recht op mij. AAAAAAAAAHHH! HET KAN VLIEGEN!

Dat was de meest traumatische ervaring. Maar dankzij die exemplaren, die na de pantoffel behandeling, eens dat ik terug kwam met een comfortabel groot stuk keuken papier (toilet papier is écht te klein) ongestoord door gingen, perfectioneerde ik wel mijn techniek: verdoven door vergiftiging, structurele schade door verpletting en daarna finaal verdrinken in het toilet. Kil misschien, maar wel zo effectief. Als ik dat zo allemaal op een rijtje zou lezen bij iemand anders zou ik toch wel vragen beginnen stellen. Ik zou zeggen: terecht.

Wat wel mag blijken is dat het woord kakkerlak bij mij toch wel heel wat losmaakt, vooral dus dat ze wansmakelijk zijn en niet kapot te krijgen. Samen ‘onschuldig’ lachen over anderen lijkt dus niet zo onschuldig te zijn in dit geval. Er is dan ook niets onschuldig aan het gedrag van deze spreekwoordelijke zakelijke kakkerlak. Net als zijn tegenhanger in het insecten rijk is hij niet alleen, maar onderdeel van een grote groep, en die groep zelf is ook niet uitroeibaar.

Als je pad een vervelend persoon kruist dan ga je typisch snel verder op je pad, maar als deze persoon macht heeft over jou (een manager, leidinggevende, baas, …), tsja, dan wordt het misschien al wat moeilijker om je aan hem te onttrekken. Vaak wordt dan geschertst ‘een typisch voorbeeld van Peter’s principe’. Die term is vernoemd naar Laurence J. Peter die stelt dat een manager wordt gepromoveerd tot zijn niveau van incompetentie, dus tot een positie waarin hij geconfronteerd wordt met uitdagingen die zijn competentie te boven gaan. De gangbare logica wil namelijk dat na een belangrijke verwezenlijking een promotie volgt naar een volgend niveau. Een prestatie op een bepaald niveau is echter géén garantie voor een gelijkaardige prestatie op het volgende niveau. Als je dus de gangbare logica blind volgt, dan volgt ook haar noodzakelijke finaliteit zoals aangegeven door Peter.

En Peter was blijkbaar niet bang voor wat generalisaties: ‘[…] in time every post tends to be occupied by an employee who is incompetent to carry out its duties […]’. Dat is natuurlijk een erg boude uitspraak. Dat zou betekenen dat alle, of toch de grote meerderheid, van de managers eigenlijk incompetent zijn en niet opgewassen voor hun taak. Stel dat deze theorie inderdaad correct is, dan zou het mogelijk moeten zijn om ze proefondervindelijk te testen en er uiteindelijk ook een verklarende theorie voor te vinden.

Die verklarende theorie heb ik warempel gevonden, het ‘Dunning-Kruger effect’, ineens met het cool ‘effect’ achtervoegsel. De theorie van de heren Dunning en Kruger, gestaafd met empirisch onderzoek en in 1999 gepubliceerd in de ‘Journal of Personality and Social Psychology’, stelt dat incompetente mensen hun incompetentie systematisch zwaar onderschatten én dat competente mensen hun competentie onderschatten. De incompetente mensen zijn als het ware blind voor hun incompetentie (ze weten niet dat ze niet weten) wat hun eventuele groei naar competentie in de weg staat. En de competente mensen schatten hun competentie niet naar waarde door de groeps consensus werking: het is niet de sterkste die het haalt maar de sterkste groep (van zwakkelingen).

Oh neen, wat kleinzielig. Grote mensen, naar ik vermoed allesbehalve kleinzielig, gingen mij echter voor

‘The fundamental cause of the trouble is that in the modern world the stupid are cocksure while the intelligent are full of doubt’ (Bertrand Russel)

‘Ignorance more frequently begets confidence than does knowledge’ (Charles Darwin)

‘Two things are infinite: the universe and human stupidity; and I’m not sure about the universe’ (Albert Einstein)

Wel laat het dan zo zijn, zei de pantoffelheld: dit is de eeuw van de kakkerlak. Plets. Plets. Plets. Plets.

Plets.

Plets. Plets. PLETS! Plets. Plets.

Plets plets plets. PLETS!

 

PLETS!

haha!

Plets.

Een gedachte over “de pantoffelheld en de kakkerlak

  1. 🙂 tegenwoordig met al die offshoring moeten klanten heel gebouw desinfecteren omdat er uit het keyboard van de onboarded resources…. Kakkerlakken komen.
    Kunnen er beter eens mee lachen. Age before beauty.

Geef een reactie